Starterslening aanvragen

De Starterslening overbrugt het verschil tussen de aankoopkosten van de woning en het bedrag dat de starter maximaal kan lenen volgens de normen van de Nationale Hypotheek Garantie (NHG). Voor de Starterslening wordt een tweede hypotheek gevestigd op de woning.

De Starterslening bestaat uit twee delen:
1. Een leningdeel dat annuïtair wordt afgelost: de Starterslening;
2. Een leningdeel dat (in eerste instantie) oploopt: de Combinatielening.

Beide delen van de Starterslening zijn de eerste drie jaar maandlasten vrij. De verplichte aflossing van de Starterslening wordt de eerste 3 jaar namelijk betaald met de Combinatielening. De Combinatielening loopt daardoor de eerste 3 jaar altijd op. Daarna kan de aanvrager een draagkrachttoets aanvragen om zijn/haar actuele betaalcapaciteit vast te stellen. Op het moment dat de aanvrager volledige rente en/of aflossing gaat betalen, wordt zowel op de Starterslening als de Combinatielening afgelost.

Voorwaarden

De spelregels voor het verkrijgen van een Starterslening zijn als volgt:

  • Het moet gaan om een bestaande woning of een woning uit een nieuwbouwproject die door het college van B&W specifiek aangewezen is; (Op dit moment zijn er geen nieuwbouwprojecten aangewezen)
  • De maximale totale verwervingskosten van de woning mogen niet hoger zijn dan € 220.000,-;
  • De aanvrager mag niet eerder een woning in eigendom hebben gehad;
  • De maximale hoogte van een Starterslening bedraagt €25.000,-;
  • Startersleningen kunnen enkel verstrekt worden als het budget hiervoor toereikend is.

Aanvraag

Startersleningen worden verstrekt uit een budget dat de gemeente daarvoor beschikbaar heeft gesteld. Het budget is ondergebracht bij het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten (SVn).
Voor het aanvragen van een Starterslening, moet u in eerste instantie contact opnemen met de gemeente. De gemeente beoordeelt of u in aanmerking komt voor een Starterslening. Als dat het geval is, ontvangt u een aanvraagformulier voor een Starterslening. Dit aanvraagformulier dient u zelf in bij het SVn, waarna het SVn in overleg met de gemeente de aanvraag afhandelt.

Bezwaar en beroep

U kunt bezwaar maken tegen de beslissing op uw aanvraag. Doe dit binnen 6 weken. Bent u het daarna niet eens met de uitspraak op het bezwaarschrift? Teken dan beroep aan bij de rechtbank.

Uitgelicht